Op stap met MST therapeut Amersfoort

Naïma Bouazani is in de auto onderweg naar de moeder van een van haar cliënten. Ze is MST-therapeut bij de Waag Amersfoort. Dat houdt in dat ze intensieve behandelingen uitvoert bij jongeren met zware gedragstoornissen of antisociaal gedrag op verschillende gebieden. Het is een alternatief voor dreigende uithuisplaatsingen. Het bijzondere van Multi Systeem Therapie –of kortweg MST – is dat bij de behandeling het hele sociale netwerk van de jongere betrokken wordt; ook ouders, familieleden, leraren, politie, vrienden en andere belangrijke mensen.

‘Als MST-therapeut behandel je zowel bij mensen thuis, als bij hun familie, als op school,’ legt Bouazani uit. ‘Ik spreek mijn cliënten in hun eigen omgeving. Zo kun je veel beter de interactie tussen mensen zien. Je kunt daardoor meer bereiken dan wanneer je een cliënt in een behandelkamer spreekt.’

‘Een MST-team is dag en nacht bereikbaar en ziet cliënten meerdere keren per week,’ vervolgt ze. ‘Voor ons therapeuten is dat soms hard werken. Vlak vóór het weekend werd ik bijvoorbeeld om half tien ’s avonds gebeld door de moeder met wie ik nu een afspraak heb. Haar dochter had een mes in haar handen en dreigde zichzelf iets aan te doen. Het lukte de ouders niet om hun dochter ervan te overtuigen om het mes weg te leggen. Dan word ik gebeld. Zo’n crisis moet je dan onmiddellijk oplossen.

’ Het meisje over wie ze spreekt, heet Noor en is van Irakese afkomst. Ze is dertien jaar en haar ouders maken zich ernstige zorgen over haar. Noor spijbelt. Haar ouders hebben geen zicht meer op wat ze buitenshuis uitvoert. Ze zijn bang dat zij drugs gebruikt en met jongens meegaat. Soms blijft ze ‘s nachts weg zonder toestemming. Bureau Jeugdzorg heeft MST ingezet als laatste hulpmiddel om een uithuisplaatsing te voorkomen.

‘Om de problemen te kunnen oplossen werken we bij MST met een zogenaamde fit,’ legt Bouazani uit in de auto. ‘Een fit is eigenlijk een kernprobleem van de jongere. Dat wordt meestal veroorzaakt door verschillende factoren. Als we die factoren eenmaal samen met de jongere en mensen in zijn of haar omgeving in kaart hebben gebracht, dan gaan we kijken welke interventies een positief resultaat kunnen opleveren.’

‘Bij de start van MST worden doelen opgesteld door het gezin’, vertelt Bouazani. Van elk doel wordt een fit gemaakt. Iemand kan dus ook meerdere fits hebben. Eén van de fits van Noor is dat het door haar gedragsproblemen heel slecht gaat op school. Bovendien spijbelt haar beste vriendin Conchita ook veel. Daarom heeft de therapeut nu een afspraak gemaakt met zowel Noors moeder als de moeder van Conchita. De moeders moeten met elkaar in contact komen om goede afspraken te maken om ervoor te zorgen dat het spijbelgedrag van de meisjes stopt.

 

Even later voert de therapeut een gesprek met de beide moeders in de woonkamer van de Mexicaanse moeder van Conchita, in een rustige wijk in Amersfoort. Omdat Conchita’s moeder slecht Nederlands spreekt, is er ook een Spaanse tolk bij. Ondanks de taalproblemen zijn de moeders het al snel met elkaar eens; hun dochters hebben geen goede invloed op elkaar.

‘Mijn dochter is veranderd sinds ze met Noor omgaat,’ merkt Conchita’s moeder op.  ‘Was jouw dochter erbij toen Noor zonder toestemming een piercing heeft genomen?’ informeert de moeder van Noor.  Conchita’s moeder schudt haar hoofd. ‘Maar ik weet ook niet waar mijn dochter uithangt,’ laat ze via de tolk weten.  

Bouazani legt uit dat er meer toezicht op de meisjes moet komen. Ze wil daarom hun namen aan de wijkagent doorgeven. Die weet vaak goed wat er in de wijk gebeurt; zo komt er ook meer zicht op de dingen die de meiden buitenshuis uitvoeren. De therapeut zegt tegen de moeders; ‘Jullie moeten elkaar voortaan bellen als jullie dochters samen zijn. Dan kunnen jullie ze beter controleren. Het is ook belangrijk dat er ’s avonds altijd iemand thuis is. Want dan kun je ze beter in de gaten houden. En als het thuis gezellig is, dan hebben ze er ook minder behoefte aan om de straat op te gaan.’    De moeders knikken instemmend. Ze wisselen telefoonnummers uit.

Na het gesprek rijdt Bouazani nog even langs het huis van Noor. De afspraak was dat Noor zou horen wat er besproken is. Maar ze is er niet.  ‘Ik ga haar deze week verrassen op school,’ vertelt Bouazani tegen haar moeder. ‘Ik heb afspraken met haar gemaakt en die moet ze nakomen.’  

Als Bouazani even later weer onderweg is naar het volgende adres, vertelt ze dat het een valkuil is om niet te betrokken te raken bij de gezinnen. ‘Je ziet de gezinnen minimaal twee à drie keer per week en vaak spreek je ze daarnaast nog een aantal keren telefonisch. Ik leef oprecht met ze mee, maar ik trek wel een grens. De structuur van MST is zo, dat we elke week onze doelen, de voortgang en onze hindernissen doorspreken met het team en de supervisor van ons team. De betrokkenheid van deze relatieve buitenstaander helpt mij als therapeut om afstand te bewaren. Daarnaast is mijn bemoeienis met de gezinnen intensief, maar kort. MST wordt niet langer dan vijf maanden ingezet. De reden is dat je na die tijd de ouders alles hebt geleerd op het gebied van oplossingsvaardigheden en opvoeding. Om niet in herhaling te vallen en om ervoor te zorgen dat mensen niet afhankelijk van je worden, stopt de behandeling dan.’

 

Aan het eind van de dag gaat Bouazani op bezoek bij de dertienjarige Robbie in Baarn. Robbie steelt alles in huis wat hij voorhanden krijgt van zijn eigen ouders. Zelfs nu ze elke avond hun portemonnee in een kluis opbergen, verdwijnt er geld in huis. Volgens Bouazani zijn er verschillende factoren die het stelen in stand houden. Bijvoorbeeld dat er geen consequenties zijn voor het stelen en dat de ouders relatieproblemen hebben. Met deze factoren zijn de ouders aan de slag gegaan. Zo krijgen ze nu ook relatietherapie van Bouazani. Ze zegt: ‘Je moet echt een all-rounder zijn als MST-therapeut. Bijna niets is ons te gek, of het nou om huiselijk geweld gaat of om middelenmisbruik.’  

Eenmaal in Baarn heeft ze een gesprek met Robbie en zijn moeder. ‘Wij kunnen nu wel constateren dat jij steelt of noem je het liever iets anders,’ vraagt ze aan de jongen. Robbie knikt. ‘Ik steel,’ bevestigt hij. Bouazani vraagt wat de reden is dat hij steelt, maar hij geeft geen antwoord. Robbie heeft duidelijk geen zin in het gesprek. Hij antwoord steeds zo kort mogelijk en kijkt ondertussen stuurs voor zich uit. De therapeut moet flink op hem inpraten voordat ze meer respons krijgt. Ze waarschuwt hem voor een slechte reputatie bij zijn vrienden. Hij zegt dat hij die niet zal krijgen omdat hij alleen thuis steelt. De therapeut vraagt wat de reden is dat hij het niet bij anderen doet maar wel thuis. Uiteindelijk laat Robbie doorschemeren dat hij te weinig zakgeld heeft. Hij las in een schoolboek dat vier euro vijftig normaal is, terwijl zijn ouders hem wekelijks één euro minder geven.

‘Er valt over zakgeldverhoging te praten,’ zegt Robbie’s moeder. ‘Maar dan moet jij wel afspraken nakomen.’ Een klein glimlachje verschijnt op Robbie’s gezicht. ‘Nou, dat is toch positief,’ vindt Naïma Bouazani. ‘Daar gaan we volgende keer over verder.’ Dan is het al bijna zes uur. Ze neemt afscheid van het gezin.  

Aan het eind van de dag concludeert ze: ‘Misschien is MST geen wondermiddel, maar het is een geweldige manier om met ouders samen te werken en om zo verder te komen. In de afgelopen vier jaar heb ik veel successen gezien. Zo was ik als therapeut in een gezin waarvan de jongen zijn moeder sloeg. Zijn moeder wilde niet dat MST werd ingezet, want ze had genoeg van alle hulpverlening. Uiteindelijk is de therapie toch toegepast. Die bleek een uitkomst. Een jaar later na het stoppen van MST heb ik deze vrouw weer gesproken en ze zei dat het heel goed ging met haar zoon. Zij kan nu veel beter met lastige situaties omgaan. Het gezin leeft nu zonder problemen. Kijk, dat is bemoedigend. Daar doe ik het voor.’

MST-Nederland Zuidhaven 9-11, 4761 CR, Zevenbergen, tel: 076 2100 112